zondag 15 november 2015

Tagliatelle (of stoofpotje) met konijn en La Chouffe

Heerlijk lichte maaltijd met verse pasta. Enig minpuntje: hier is wel wat werk aan. Daarom geef ik er ook graag de luie-wijvenvariant bij.  

Voor 2:
verse tagliatelle  (zie tip)
2 kloeke konijnenbouten
zeezout
peper
enkele takjes verse rozemarijn
2 knoflookteentjes
1 grote wortel, in kleine blokjes
1 selderstengel, in blokjes
1 ui
1/2 el honing
1 flesje La Chouffe of een ander blond bier, Leffe bijvoorbeeld
1/4 l kippenbouillon
een scheutje lichte room
basilicum, om af te werken

Bestrooi de konijnenbouten rijkelijk met een mengsel van peper en zeezout en daarna met bloem. Bak ze aan alle kanten aan in  boter in een grote stoofpot. Haal ze even uit de pot en stoof de gesnipperde ui, wortel en selder aan in hetzelfde braadvet. Doe er de honing bij en laat even karamelliseren. Doe er het vlees weer bij, stop er de geplette knoflook de takjes rozemarijn tussen. Overgiet met de bouillon en het bier. Misschien heb je niet het hele flesje nodig. Het is voldoende als de stukken konijn net onder de vloeistof zitten. Laat ongeveer drie kwartier sudderen. 
Haal de bouten uit de stoofpot en haal het vlees van de beentjes. Zeef de vloeistof en hou de groenten ook apart. Laat de jus inkoken tot een wat gebonden saus. Doe er de groenten en het vlees weer bij samen met wat room en warm alles weer op. 
Kook intussen de pasta al dente. Giet af en meng de pasta met de saus en dien op met enkele blaadjes basilicum. 

Tip voor wie niet zo veel tijd heeft:
Je kan natuurlijk kant-en-klare pasta kopen, verse uit het versvak. Of neem droge pasta, maar dan wel de eiervariant.
Of je volgt het recept tot na de gaartijd en laat de bouten in hun geheel. Bind het stoofpotje indien nodig met wat beurre manié (1 el bloem vermengd met 1 el boter) en dien op met  puree of natuuraardappelen of kroketjes.   







zaterdag 14 november 2015

Coq au vin


Experimenteren in de keuken is leuk, maar af en toe moet het experiment wijken voor de klassieker. Met nog wat pancetta en zilveruitjes in de voorraad werd het coq au vin. 


Voor 3 à 4:
1 grote (bio)kip, in 6 à 8 stukken verdeeld
een twintigtal zilveruitjes*
2 teentjes knoflook, geplet
enkele sjalotjes, grof gesneden
200 gr pancetta of spek, in blokjes
1 bakje kastanjechampignons, in 2 of in 4 gesneden
500 cl rode wijn
enkele takjes verse tijm (en eventueel rozemarijn)
2 blaadjes laurier
verse bladpeterselie, voor de puree en om te garneren
1 el boter
1 el bloem

*Als je geen zilveruitjes hebt, kan je ze altijd vervangen door extra sjalotjes.


Bestrooi de stukken kip met peper en zout (of met een gekruid zeezoutmengsel: rozemarijn, oregano ... ). Bak ze aan alle kanten aan in een grote pan. Haal ze uit de pan en doe ze in een grote stoofpot, groot genoeg opdat de stukken min of meer naast mekaar kunnen liggen. Bak eerst het spek, dan de sjalotten, zilveruitjes en de helft van de champignons in de pan. Leg alles daarna bovenop de stukken kip in de stoofpot. Steek de platgedrukte tenen knoflook en de takjes tijm tussen de kipdelen. Doe er nog wat peper en zout, en de laurierblaadjes bij. Blus met de rode wijn. De kip moet ongeveer helemaal bedekt zijn. 
Laat het potje ongeveer een uur stoven, onder deksel op een zacht vuur. Bak ondertussen ook de rest van de paddenstoelen in de pan en hou ze opzij. Doe ze een beetje voor het einde van de stooftijd bij de kip. Haal ten slotte laurier en tijmtakjes weg. Haal de stukken kip uit de pot en hou warm. Bind de saus met wat beurre manié (1 el zachte boter vermengd met 1 el bloem) of een ander bindmiddel. Doe er de kip weer in en dien op met wat peterselie erbovenop gestrooid. Lekker met een smeuïge aardappelpuree, op basis van boter en olijfolie met wat gesnipperde bladpeterselie.





woensdag 11 november 2015

Pompoen en zoete aardappel in de oven

Herfst, dat is natuurlijk pompoen in de keuken. Met zoete aardappel en ui erbij, en kerrie als smaakmaker wordt dit een heerlijk bijgerecht bij een stukje gebraden vlees. Ik serveerde het bij gebakken eendenborst. Met wat feta en brood erbij kan je het ook serveren als vegetarische lunch. 


Voor 2 à 3:
1/2 butternutpompoen, (on)geschild en in blokjes
1 grote zoete aardappel, in blokjes
1 ui, in partjes
2 tenen knoflook, grofgehakt
2 el kerrie
peper en zout
olijfolie
verse koriander


Indien als hoofdgerecht:
100 gr fetakaas, in blokjes
(Marokkaans) brood

Verwarm de oven voor op 180°. Leg de groenten in een ovenschaal, doe er de kerrie en de knoflook over en besprenkel met wat olijfolie. Dek af met wat aluminiumfolie en laat een half uurtje tot  drie kwartier garen. Neem het deksel weg als de groenten gaar zijn, roer alles goed om en doe er de koriander (en eventueel feta) bij. 

donderdag 15 oktober 2015

Mosselen met pompoen en Omer


Mosselen met pompoen is een recept dat alleen de echte mosselliefhebber zal bekoren. Ik bedoel maar: wie slechts een keer in het jaar mosselen eet, houdt het wellicht liever bij zijn vertrouwde klassieke recept.  Toch is deze variant met Omer (of een ander hoppig streekbier) niet te versmaden. Met dank aan de website van brouwerij Vanderghinste.


Voor 2:
2 kg mosselen
1/2 butternut, in blokjes
1 ui, in schijfjes
150 gr bospaddenstoelen of een mengeling met bospaddenstoelen erbij
enkele takjes tijm 
5O gr spekblokjes
1 flesje Omer of Chimay Tripel
1 handvol peterselie, fijngesneden
1 handvol koriander, fijngesneden 
enkele lente-uitjes, fijngesneden
1 knoflookteen
een partje citroen
een klontje (gezouten) boter 

Spoel de mosselen en verwijder kapotte schelpen.  
Snij de ui fijn en de butternut in mooie kleine blokjes. Reinig de boschampignons met een fijne borstel
Bak het spek met een klontje gezouten boter aan in de wok en doe er even later de ui, de look, de tijm, de champignons en de pompoen bij. Doe er de mosselen bij en kruid met peper en (weinig) zout.  Bevochtig met de OMER.  Laat de mosselen opkoken tot de eerste schelpen opengaan. 
Voeg de peterselie en koriander samen met enkele druppels citroensap toe op het einde en schud nog even op.  Serveer met een goed glas OMER en een snee bruin brood.





woensdag 26 augustus 2015

Tagliatelle met eendenragout bijgewerkt op 29 april 2022


Een spaghetti bolognese gaat er altijd in. Een beetje afwisseling kan echter geen kwaad! Vandaar deze ragout met eendenborstfilet. Even makkelijk, minstens zo lekker.


Voor 4:
2 eendenborstfilets
1 à 2 wortels, in blokjes gesneden
enkele takjes bleek(selder), in blokjes
1 sjalot of kleine ui, gesnipperd
1 knoflookteen
2,5 dl rode wijn
1 Knorr bouillonketeltje (groenten of kip)  
2 takjes verse rozemarijn, salieblaadjes en 2 laurierblaadjes
of 1 à 2 el gedroogde kruiden (spaghettimengeling en/of provençaalse kruiden)
200 ml tomatenpassata
(een snuifje cayenne, eventueel)
peper en zout
enkele blaadjes basilicum
eventueel een scheutje lichte room
verse pasta van 300 gr bloem met 3 eieren
parmezaan

Op voorhand:
Verwijder het vel en vet van de eendenborstfilet. Hou het eventuele vet voor verder gebruik. Snij het vlees in zeer kleine brokjes. Gebruik eventueel de keukenmachine maar overdrijf hier niet mee. Het vlees moet nog wat structuur houden. 
Hak de groenten in kleine stukjes.

Sauteer de groenten met sjalot/ui op een medium vuur in een stoofpot. Gebruik daarvoor indien mogelijk het vet van de eend.  
Zet na 10 minuutjes het vuur  hoger, schuif de groenten wat opzij en bak de eendenstukjes kort aan. Voeg zout en peper en kruiden naar smaak toe, een beetje zoals je  voor een gewone spaghettisaus te werk zou gaan. 
Blus met de rode wijn en laat inkoken tot de vloeistof grotendeels verdampt is. (Kruid naar smaak met cayennepeper.) 
Voeg de tomatenpassata en het bouillonketeltje toe en zet het vuur lager. Laat de ragout minstens anderhalf uur pruttelen op een laag vuur. Voeg wat water toe indien de ragout te droog wordt. Op het einde kan je er nog wat lichte room doorroeren. 
Kook tegen het einde van de kooktijd de tagliatelle gaar in gezouten kokend water. Werk af met basilicumblaadjes. 
Zet wat geraspte parmezaan op tafel voor de liefhebbers. 






  

maandag 24 augustus 2015

Zonnige paprika's in de pan


Zoete paprika's, een feest voor oog en smaakpapillen!  Niets gaat boven roosteren en pellen, maar als je dat even niet ziet zitten, of geen oven of bbq in de buurt hebt, dan komt dit recept aardig in de buurt! Met een vleugje balsamico en wat ansjovis voeg je nog twee heerlijke smaken toe. Perfect als bijgerecht, of als onderdeel van een antipastobuffet, of als (lauwwarme) salade. En met de restjes kun je nog een heerlijke pastasaus maken, tenminste, als er restjes zijn!

Voor 3 à 4 of meer  als onderdeel van buffet:
4 à 5 paprika's (rood, geel en eventueel oranje)
olijfolie
oregano
een scheutje balsamico-azijn (of rode-wijnazijn)
enkele ansjovisjes 
(eventueel een snuifje suiker)
zwarte peper en zeezout

Ontdoe de paprika's van zaadlijsten en pitjes. Snij ze in grove stukken.
Doe een laagje goede olijfolie in een pan met dikke bodem. 
Bak de paprika's op medium hitte, vrij langzaam dus, tot ze zacht worden en bruine schroeiplekken beginnen te krijgen. Laat ze echter niet aanbranden en roer af en toe voorzichtig om. 
Doe er eventueel wat suiker, en daarna wat zout bij. Voeg als laatste de azijn toe. Laat  nog 5 minuutjes verder sudderen, tot het vocht bijna volledig verdampt is.  Kruid bij met peper en zout, en leg er wat ansjovisjes tussen. Dien warm op.
Je kan deze schotel  achteraf weer opwarmen. 

zaterdag 22 augustus 2015

Aperolsorbet

Een pittig sorbetje geschikt als aperitief!

Voor ong. 1 liter:
1 1/2 cup sinaasappelsap (vers geperst) (ongeveer 4 sinaasappels)
1 1/2 cup (spuit)water
1 cup suiker
1 cup Aperol
enkele takjes rozemarijn

Doe alle ingrediënten behalve de Aperol in een steelpannetje bij elkaar en breng aan de kook. Laat 15 minuutjes op een zeer zacht vuurtje  staan. Giet door een zeef en doe de Aperol bij de gezeefde vloeistof. Laat enkel uurtjes door en door koud worden in de koelkast.  
Draai dan volgens de instructies van je ijsmachine en zet dan minstens enkele uren/dagen in de diepvriezer voor je het gebruikt. 





Salade van radicchio en kerstomaatjes en mozzarella

Deze kleurrijke salade is eigenlijk een spin-off van een ander recept. Zeg maar, een creatief omspringen met left-overs. Ik had wat mozzarella, radicchio en gele en oranje kerstomaatjes over. Daarover wat goede olijfolie, wat gedroogde oregano en zout en peper. En als finishing touch een scheutje Vincotto Arancia*.
Tuurlijk kan het ook met rode kerstomaatjes, maar zeg nu zelf, is het geen plaatje?

*Vincotto is vergelijkbaar met balsamico. Het is een typisch product uit Puglia. 

donderdag 20 augustus 2015

Leve de plancha!

Heel tevreden over mijn nieuwste keukenspeeltje: de rechthoekige plancha met dubbele handvaten van Le Creuset. 
Bakken "a la plancha" is een techniek waarbij je vis of groenten (of delicaat vlees zoals lamsmanchetjes) grilt op een hete metalen plaat. De plancha kan  een (duurder) gastoestel zijn of een eenvoudigere plaat, die je op het fornuis kunt gebruiken, of op een bbq.  
Voor het recept op de foto marineerde ik een filet van kabeljauw met een vrij klassieke kruidenmix. De  lente-uitjes liet ik gewoon meebakken. 
Waarom zou je eigenlijk investeren in een plancha?  Je kan toch gewoon bakken op een pan op het fornuis en we hebben toch allemaal al een BBQ?
Toch heeft de plancha zo zijn voordelen.

  1. Je hebt (bijna) geen extra vetstof nodig. Een marinade of een heel klein beetje olie is al voldoende.
  2. Omdat de plancha  zijn temperatuur lang en constant behoudt, bakt je voedsel snel en zonder aan te bakken in zijn eigen sappen.
  3. Geen vlammen door druipend vet of marinadevloeistof. Dat kan bij de klassieke BBQ wel eens voor problemen zorgen. 
  4. Je hebt ook geen rookwalmen. Dat zullen liefhebbers van  houtskool misschien een nadeel vinden. Wat je echter 'mist' aan rookaroma, wordt gecompenseerd door de smaak van de marinade.  
Het lijkt wel een reclamepraatje! Maar ik bak echt al lang 'a la plancha'. Het open rooster vind ik nog wel handig om mijn paprika's zwart te blakeren, of om  een  gietijzeren wokpan of  casserole/tajine op te zetten, maar voor de rest gebruik ik altijd vlakke grillplaten, ook op mijn bbq-toestel. En als ik echt mooie grillstreepjes  op mijn steak wil, dan gebruik ik een geribbelde grillpan. 

Wie zin heeft om te experimenteren vindt ook inspiratie in deze twee handige boekjes:

1. Grill en plancha - le creuset / Fontaine uitgeverij
2. Grillen a la Plancha ! / Good Cook BV





woensdag 12 augustus 2015

Makreelfilets met aardappelen en sjalotjes


Mooi toch als je met drie ingrediënten een lekkere schotel kunt toveren. Hugh Fernley-Whittingstall heeft rond dit concept een prachtig kookboek gemaakt, dat ik al eens eerder vermeldde. Het heet Drie. De lekkerste drie-eenheid op het bord. Vandaag koos ik voor zijn makreelfilets.  Als ik ze zie liggen bij de visboer, bezwijk ik iedere keer voor hun prachtige vel. Dus ja, makreelfilets mét vel. Ik volgde het recept vrij getrouw, maar voegde er een rode-uiensalade aan toe. 

Voor 2:
4 à 8 makreelfilets, afhankelijk van hun grootte
6 banaansjalotjes, gepeld en gehalveerd
350 à 500 gr nieuwe aardappelen of krielaardappeltjes
3 laurierblaadjes
olijfolie
zeezout en zwarte peper
citroenpartjes voor erbij

Voor de  rode-uiensalade:
1 grote rode ui
2 el bladpeterselie
citroensap naar smaak
zeezout



Verwarm de oven voor op 190°. 
Was de krieltjes of schraap de nieuwe aardappeltjes schoon. Halveer ze of snij ze nog iets kleiner.
Voor de rode-uiensalade snij je een rode ui in zeer dunne schijfjes, met de mandoline bijv. Doe er enkele eetlepels gehakte bladpeterselie bij en knijp er een flinke scheut citroensap over, met wat zeezout. Zet koel weg.

Leg de aardappeltjes en sjalotjes in een ovenschotel. Voeg wat olijfolie, laurierblaadjes en flink wat zout en peper toe en schep alles om.
Zet ze 40 minuten in de oven en schep halverwege nog eens goed om.
Strijk de makreelfilets in met olijfolie en maal er wat zout en peper over. Zet de oven iets hoger, 200°. Leg de  visfilets tussen de groenten en laat alles nog 6 à 8 minuten verder bakken.
Dien op met citroenpartjes.
Lekker met een groene salade of een salade van rode uien. 








Limoncellosorbet met citroenmelisse

Sorbet met limoncello is een voltreffer. Je zult hem vast ook meer dan eens willen maken. En het is poepsimpel, het lastigste is het niet meteen opeten als hij uit de ijsmachine komt!
Als je geen ijsmachine hebt, niet getreurd, je kan dit recept ook zonder machine maken. Je moet hem dan laten opstijven in een platte kom in de diepvriezer en om de 20 minuten alles weer losschrapen. Je krijgt dan wel een korrelige  structuur, eerder een granité dan een echte sorbet dus. Maar de smaak blijft dezelfde.

Voor 1l sorbet:
2 cup water
1/2 cup citroensap (= ongeveer 2 citroenen)
1 cup suiker
1 cup limoncello
enkele takjes citroenmelisse (de blaadjes), beetje gekneusd
een snuifje fleur de sel of ander hoogwaardig zeezout


Meng de limoncello, citroensap, water, suiker en citroenmelisse in een steelpannetje en breng even aan de kook. Haal van het vuur en laat ongeveer een kwartier trekken. 
Laat het wat afkoelen en zet daarna enkele uren in de koelkast.
Draai het dan volgens de instructies van je ijsmachine : bij mij is dat een half uurtje. Laat het ijs enkele dagen verder opstijven in de diepvriezer.   


Balsamico-aardbeiensorbet

Aardbeiensorbet is zo al lekker, maar wat balsamico-azijn erbij maakt het toch net dat tikkeltje spannender. 

Voor  ong. 3/4 l:
500 gr aardbeien
100 gr rietsuiker
2 el (vijgen)balsamico
sap van een halve citroen
1 takje rozemarijn (eventueel)
50 ml water


Verwijder de kroontjes van de aardbeien en halveer ze of snij ze in vieren. Doe de helft van de aardbei en het rozemarijntakje met het water en de suiker in een steelpannetje en breng aan de kook. Roer af en toe en voeg na 5 minuten de balsamico-azijn toe. Laat nog eens 5 minuten verder koken. Vis er de rozemarijn uit en zet van het vuur.  Doe er de rest van de aardbeien met de citroen bij. Laat alles afkoelen.  
Mix de afgekoelde massa  fijn in de keukenmachine en zet enkele uren in de koelkast. Draai dan volgens de instructies van je ijsmachine tot je een sorbet bekomt. 

zaterdag 8 augustus 2015

Griekse salade met gehaktballetjes

Twee klassiekers in één. Lekker makkelijk op een zomerse vakantiedag. Voeg gerust wat gegrilde rode paprika of zwarte olijven toe aan de salade, als je die in huis hebt,  en neem ander gehakt als je niet van lamsgehakt houdt. De toegevoegde kruiding  geldt alleen voor ongekruid gehakt. Wees dus wat voorzichtiger als je met gekruid gehakt werkt. 
Ik vermijd normaal gesproken recepten waar je met eiwitoverschotten zit. Maar ik probeerde dit recept al eens eerder uit met een volledig ei, en dat maakt het mengsel te slap, waardoor je geneigd bent paneermeel toe te voegen, wat de smaak niet ten goede komt.  

350 gr lamsgehakt, ongekruid
1 volle eetlepel garam masala 
1 sjalotje, fijngesnipperd
1 eidooier
peper en zout
olijfolie

Voor de salade:
1 rode ui, in fijne ringen
1 stuk komkommer, in dunne schijfjes
enkele tomaten, in partjes
4 little gem-harten of een andere knisperige salade
75 fr fetakaas
peper en zout
oregano
extra vierge olijfolie

Maak eerst de ingrediënten klaar voor de salade. kruid even met wat zwarte peper, zout en oregano. Bak de gehaktballetjes  in een pan met wat olijfolie tot ze rondom bruin zijn en goed gegaard. Leg ze op de salade. Zet de olijfolie op tafel.